Hand in hand op straat? Çavaria en Wel Jong Niet Hetero benadrukken recht op zichzelf te kunnen uiten

Johan Leman verklaarde zaterdag dat het beter is dat homo’s in Sint-Jans-Molenmbeek niet hand in hand lopen. “Die uitspraak is echt wel een brug te ver”, reageert çavaria-woordvoerder Jeroen Borghs in De Morgen. “Verderop in het interview wordt wel context gegeven, maar dan nog: dat komt heel wrang binnen.”

“Alsof je het zelf zoekt”, stelt Borghs vast. “Het lijkt erop dat je zo de slachtoffers van intimidatie of geweld op straat de schuld geeft van wat hen overkomt. Dat is iets waar wij ons helemaal niet in kunnen vinden.”

Zowel Leman als çavaria pleiten voor dialoog. “Maar die twee dingen moet je toch wel los van elkaar zien. Er is een heel duidelijke grens: iedereen moet in de openbare ruimte zichzelf kunnen zijn. Ongeacht waar dat is, in ons land. Dan gaan zeggen dat mensen beter ergens niet gaan wonen of niet hand in hand over straat lopen, dat kan voor ons echt niet.”

Politie

Meer politie op straat kan helpen. Çavaria geeft ook vormingen in het omgaan met holebifobie en transfobie aan politiekorpsen. 

“Anderzijds: als mensen zich homofoob opstellen zonder iets strafbaars te doen, tja, daar kan je met de politie niets aan doen. Daar is het veel belangrijker dat je dat niet verwaarloost. De geesten van mensen kan je niet veranderen door wetten. Wel door het debat aan te gaan.”

Wetten 

Çavaria focuste jarenlang op noodzakelijke wetswijzigingen om het leven van holebi’s en transgenders te vergemakkelijken. Maar nu moet “sociale realiteit’ volgen. 

Recht op liefde

“Ik wil als jongere niet toegeven aan de gedachte dat ik mijn lief niet zou mogen vastnemen op straat, dat ik mij anders zou moeten gedragen of kleden omdat iemand anders dat liever niet zou zien. Dat ik mijn recht op liefde niet mag tonen ongeacht op wie ik val of wie ik ben”, schrijft Senne Misplon van Wel Jong Niet Hetero in een opiniestuk op VRT NWS.

Misplon schrijft niet veel voeling te hebben met kansarme jongeren, of jongeren met een conservatieve achtergrond. Hij pleit voor dialoog. “Verandering brengt weerstand mee, en dat is de voedingsbodem voor gesprek. Vaak merken we dat jongeren nog met veel vragen en misvattingen zitten. Wij geven hen dan ook de ruimte om al die vragen te stellen, zonder oordeel. We vinden het belangrijk om met respect te luisteren naar ieders gedachte, ook al staat die tegenover de onze of vinden ze dat een brug te ver.”

Bewustzijn

“We roepen als organisatie op om bewust te worden van de positie waarin je verkeert wanneer je meeleest met krantenkoppen, artikels en de bijhorende commentaren. Het gevoel van onveiligheid bij LGBT+-jongeren is nog steeds groot en het woord ‘homo’ is een van de meest gebruikte scheldwoorden. Het klopt dat er nog steeds plaatsen zijn waar het niet aanvaard wordt om als koppel van gelijk geslacht elkaars hand vast te houden, in je kledij je vrouwelijkheid te tonen, enz. En die problemen dienen we aan te duiden.”

Maar Misplon waarschuwt voor te snel vingerwijzen. “Wij zijn er ons als organisatie erg van bewust dat onze werkwijze en thema voor sommige jongeren een drempel is of dat ze soms afkeer met zich meebrengen. 

“Wij zien het als onze opdracht om met die jongeren in gesprek te gaan, in hun context waar zij zich veilig voelen. Niet enkel om samen met hen stil te staan bij hun denkwijzen. Ook wij blijven de vraag stellen hoe hun verhaal te verenigen is met het onze, en of onze aanpak wel toegankelijk is voor iedereen. Maar dat doe je niet met je smartphone of als commentaar onder een bericht. Dat doe je door de deur uit te stappen en op verkenning te gaan, op zoek naar elkaar.”

Beeld: Timothy Junes
Bron: De Morgen, VRT NWS

%d bloggers liken dit: