Nederland volgens holebi’s en transgenders “alleen op papier LHBTI-vriendelijk”

Op papier is Nederland een LGBTI-vriendelijk land, maar in de praktijk voelen holebi’s en transgenders zich lang niet allemaal vrij om te zijn wie ze zijn. Dat blijkt uit onderzoek van ‘EenVandaag‘ onder drieduizend LGBT’s in de aanloop naar Pride Amsterdam.

“Een heel herkenbaar beeld”, aldus COC Nederland-voorzitter Astrid Oosenbrug in een reactie. Ze dringt aan op meer en betere aandacht voor LGBTI-acceptatie op scholen en wil dat minister van Justitie en Veiligheid Ferdinand Grapperhaus (CDA) meer doet om de veiligheid van LGBTI’s te verbeteren.

1/4 ervaart negatief gedrag

Uit het onderzoek blijkt dat één op de vier holebi’s en transgenders het afgelopen jaar negatief gedrag meemaakte wegens de seksuele oriëntatie of genderidentiteit. Het gaat dan meestal om uitschelden of vervelende grappen, maar in totaal 20% werd bedreigd (9%), bespuugd (6%) of geslagen (5%).

De meeste LGBTI’s (59%) vinden dat het goed gaat met de acceptatie van hun gemeenschap in Nederland. Veel ondervraagden plaatsen daar wel een kanttekening bij. Qua wetgeving gaat het goed, vinden zij, maar onder de oppervlakte heerst er gebrek aan acceptatie. Volgens 61% van de ondervraagde LHBTI’s is het een probleem om in Nederland open te zijn over je oriëntatie.

Theorie versus praktijk

Eén van hen: “Officieel is het in Nederland goed geregeld en geaccepteerd, maar in de praktijk lopen veel LHBTI’s toch tegen een samenleving aan die niet zo tolerant is.”

Intolerantie in de praktijk zorgt ervoor dat veel LGBTI’s terughoudend zijn op straat. Zo voelt 58% zich niet vrij om hand in hand te lopen met een partner. 

“Daar wordt nog steeds vreemd naar gekeken en op gereageerd”, zegt een panellid daarover. Onder niet LHBTI’s is de schroom beduidend minder om hand in hand te lopen. Van het hele panel doet 23% dat liever niet.

Kus

Daarnaast voelt 63% van de LGBTI’s zich niet vrij om een kus op de mond te geven in het openbaar. Daarover zegt een deelnemer: “Ik geef mijn date geen vaarwel-kus bij de bushalte, vanwege de omstanders.” 

Ook dit aandeel is fors hoger dan onder niet-LGBTI’s: 31%.

Genderrolverwachtingen

Een substantiële groep Nederlanders heeft moeite met mensen die zich niet aan de traditionele genderrollen houden. 

Zo heeft één op de vijf (18%) er moeite mee als mannen zich ‘vrouwelijk’ gedragen en één op de zes (14%) heeft er moeite mee als vrouwen zich ‘mannelijk’ gedragen.

Gedrag aanpassen

De helft van de LGBTI-respondenten (50%) geeft aan het afgelopen jaar hun gedrag aan te hebben gepast om negatieve reacties te voorkomen. Het gaat dan bijvoorbeeld over het niet kenbaar maken van hun seksuele oriëntatie, het niet tonen van affectie naar hun partner in het openbaar, terughouden zijn in het delen van hun genderidentiteit of bewust andere kleding dragen dan ze zouden willen. 

De andere helft (50%) paste hun gedrag niet aan. 

Wanneer wel? 36% zegt in het openbaar, 21% op het werk, 20% in privé-situaties, 17% tijdens het uitgaan en 7% in de sportclub. 

Over dit onderzoek

Aan dit onderzoek, gehouden van 3 tot en met 15 juli 2019, deden 21.450 leden van het EenVandaag Opiniepanel mee, van wie 2.993 LGBTI’s. 

De resultaten zijn na weging representatief voor zes variabelen, namelijk leeftijd, geslacht, opleidingsniveau, burgerlijke staat, stemgedrag en spreiding over het land. De uitslagen worden 2 augustus gepresenteerd in EenVandaag en 3 augustus in het speciale live-verslag van de Canal Parade op NPO1.

Beeld: Wikipedia
Bron: EenVandaag, COC Nederland

%d bloggers liken dit: