Precieze cijfers voor holebifoob en transfoob geweld ontbreken

Pieter Porters in Antwerpen. Nick en Bruce in Gent. Eindejaar 2019 werd ontsierd door homofobe incidenten. Sommige van deze halen de media. Dat gebeurt voornamelijk wanneer de slachtoffers zelf naar buiten treden. Statistieken voor holebifoob en transfoob geweld zijn er niet echt. 

Lokale Politie Gent telde in 2019 drie à vier homofobe incidenten “waar we echt duidelijkheid over hebben”, zegt inspecteur van politie (INP) Davy Van Slycken in De Morgen

Er is – uiteraard- een dark number, een ongekend aantal feiten. “Maar dat slachtoffers zich niet komen melden, betekent niet dat ze niet bestaan”, aldus Van Slycken.

Drempels

Er zijn drempels om een incident te melden bij de politie. Dat weten politiediensten en dat weet çavaria

“Je moet je voorstellen dat je enkele bedenkelijke blikken krijgt”, zegt çavaria-woordvoerder Jeroen Borghs in De Morgen. “Dan klap je dicht. De gevolgen daarvan kunnen nog erger zijn dan het incident dat je hebt meegemaakt.”

Unia heeft wel statistieken, maar die zeggen niets over homofobe aanvallen op straat. Homofoob geweld is trouwens geen ‘voorrecht’ van grootsteden. Ook in (kleinere) dorpen en gemeenten vallen ze voor. 

Bewijs

Homofobie en transfobie melden is een zaak. Het zijn zelfs wettelijk verzwarende omstandigheden bij het bepalen van de strafmaat. Maar dan moet het nog bewezen kunnen worden.

Dat blijkt heel moeilijk.

“Dat kan wel als er scheldwoorden vallen of als het incident zich voordoet in de buurt van een ontmoetingsplaats voor holebi’s. We trainen politieagenten ook om dat in processen-verbaal goed te beschrijven”, zegt Van Slycken. 

Beeld: Timothy Junes
Bron: De Morgen

%d bloggers liken dit: